Hoop na Herstel

Ik wil gewoon ‘normaal’ zijn!

Onlangs kreeg ik de vraag van één van mijn volgers:
hoe accepteer je dat je een ziekte hebt (gehad)?
Tja… daar vroeg ze me wat, want:
heb ik dat eigenlijk zelf wel geaccepteerd?

Ik heb lange tijd ontkend dat ik ziek was, dat ik een eetstoornis had.
Het ging best goed met me. Ik moest gewoon niet klagen, ik leefde toch?
Gewoon doorgaan, ik had het toch altijd nog gered om door te gaan?

Als het niet langer gaat
Toch kwam er een moment waarop het niet langer meer ging. Bij de psycholoog gingen de alarmbellen rinkelen en ook de diëtist werkte met haar samen om sneller toegang te krijgen binnen de GGZ (voor zover dat mogelijk is, want wachttijden… je kent het vast wel).

Terwijl ik in de afrondende fase van mijn eindstage zat, gleed ik steeds verder af. Gelukkig had ik netjes op tijd gewerkt, waardoor mijn verslagen afgerond waren op het moment dat ik dat echt niet meer kon.
Mijn eindstage heb ik dus succesvol af kunnen ronden, maar toen kwam het moment dat ik met mijn scriptie begon.

Opgeven is geen optie
Daar heb ik mezelf meerdere keren van proberen te overtuigen. Maar mijn (op dat moment misschien wel grootste) angst, werd werkelijkheid. Zowel lichamelijk als psychisch ging ik er zo aan onderdoor, dat ik ondanks eindeloze inspanning geen steek verder kwam met mijn scriptie/ afstudeeronderzoek. En zo kwam er voor mij het moment dat ik mijn scriptie los moest laten. Dat ik op de Hogeschool aan moest geven dat het niet langer ging. De perfectionistische Annemieke, die haar stage met een 9,3 afrondde moest stoppen met haar studie!?
Ik wilde mezelf toch bewijzen? Ik ben toch niet gek!

Tja… gek of niet, stoppen moest ik wel… Wat vond ik het moeilijk om toe te geven dat het zo niet langer ging. Ik wilde helemaal niet anders zijn, ik had het toch altijd goed gered? Goede cijfers, verslagen op tijd? Ik hoefde nog maar een half jaar, dan had ik mijn HBO bachelor in de pocket!

Annuleren is ook leren
Deze quote las ik laatst en uit ervaring weet ik dat dit helemaal waar is.
Ergens mee stoppen, of ergens nee tegen zeggen, is geen falen.
Soms is dat juist het sterkste wat je kunt doen.
Voordat de lijn weer kon gaan stijgen, moest ik eerst inzien dat het zo niet langer kon. En helaas voor mij, hoorde daar ook bij dat ik ‘thuis kwam te zitten’.

Ik deel een fragment van een notitie uit mijn telefoon van deze periode:
“…op dit moment weet ik niet wat mij overkomt en wordt mijn hoofd alleen maar meer en meer een grote warboel.
Ik voel me verlamd, machteloos…
Mijn hoofd wil ook helemaal niet dat ik om hulp vraag:

“Doe het inderdaad maar zelf, dan kan ik ondertussen genadeloos mijn gang gaan en nog meer van je afnemen, nog meer kapot maken.”
Ik ben bang… bang voor mezelf.
Dus alsjeblieft: help me.”

Pas vanaf dat moment besef ik dat het op deze manier niet langer gaat.
Ik accepteer het misschien nog niet, maar begin het wel te realiseren.
In de maanden daarna krijg ik de diagnose, start de behandeling en moet ik flink aan de bak.
Steeds weer kom ik mezelf tegen, het kost zó veel geduld. Misschien is het zwaarste onderdeel van herstellen wel het ‘geduld hebben met jezelf’.
Tijdens het herstel heb ik zo vaak gedacht: “ik wil gewoon normaal zijn!”.
Ik baalde ontzettend van mezelf. Waarom kan ik niet doen wat iedereen kan? Waarom duurt het allemaal zo lang? Het zijn vragen die anderen die in een ziekte-proces of herstelperiode zitten vast wel herkennen.
Ik gaf mezelf de schuld van de eetstoornis: Ik had hier toch zelf voor gekozen? Gedurende de behandeling krijg ik te horen dat ik hier niet zelf voor gekozen heb, maar dat dit je overkomt. Toch voelt het als mijn eigen stomme schuld.

Stapje voor stapje, hapje voor hapje
En dan… ben je dus ziek thuis om aan je herstel te werken. Ik moest leren om te accepteren dat ik niet kon wat iedereen wel leek te kunnen. Dat ik lichamelijk zo uitgeput was dat ik hele dagen op de bank doorbracht. Hoe het allemaal precies verlopen is, weet ik eigenlijk niet eens meer, gek is dat: hoe mij brein bepaalde onderdelen al weer kwijt lijkt te zijn.
Ik weet wel dat mijn geduld flink op de proef werd gesteld, eindeloos geduld. Het was dan ook vooral een kwestie van tijd. Tijd om te accepteren dat ik niet kon wat ik zou willen, tijd om te accepteren dat ik een lange weg van herstel te gaan had. Ik moest dan ook vooral niet te ver vooruit denken, want dan sloeg de paniek nog harder toe. Het herstel verliep echt stapje voor stapje en letterlijk hapje voor hapje.

Tijdens de behandeling krijg ik de opdracht om iedere dag ‘wapenfeiten’ op te schrijven. Dit zijn (kleine) overwinningsmomenten in mijn herstel. Door dit consequent vol te houden kon ik – op momenten dat het uitzichtloos leek – mijn overwinningen teruglezen. En op die momenten realiseerde ik mij dat (ook al had ik nog een lange weg te gaan) ik ook al een hele weg erop had zitten. En al leek er geen einde aan te komen, kon ik toch zien dat de overwinningen van maanden eerder, nu al weer ‘normaal’ waren geworden. Het proces van groei gaat soms zo langzaam, dat je het zelf niet herkent. Maar doordat mijn overwinningen zwart-op-wit beschreven stonden, kon ik dit teruglezen op momenten dat het moeilijk was om te relativeren.

Zie hoe een bloem groeit, zij heeft geen haast.

Ze vergelijkt zichzelf niet met andere bloemen.

Vergelijken
Het accepteren van jouw situatie, is het moeilijkst wanneer je deze blijft vergelijken met die van anderen. In het begin van mijn herstelproces was ik sterk gericht op hoe het met anderen ging. Ik vergeleek mijzelf met meiden uit de therapiegroep of andere vrouwen in de omgeving en als ik keek naar wat ik allemaal niet kon, was dit vaak in vergelijking met anderen die meer konden en deden dan ik.

Uiteindelijk heb ik moeten leren om mij op mijn eigen proces te richten. Ik kan mijzelf blijven vergelijken, maar deze energie kan ik beter gebruiken voor mijn eigen groei. Natuurlijk ging dit niet van de ene op de andere dag. Maar toch heb ik steeds opnieuw bewust afstand moeten nemen van wat anderen allemaal konden. Na verloop van tijd besloot ik om niet alleen wapenfeiten op te schrijven, maar meer over te gaan naar het bijhouden van een dankbaarheidsdagboek. Van iedere dag beschrijf ik waar ik dankbaar voor ben.

Niet in eigen hand
Dit doet mij ook beseffen dat mijn levensweg niet in mijn eigen hand ligt. God heeft een plan met mijn leven. En juist in de periode dat ik zo ziek was besefte ik veel meer dat ik afhankelijk ben van Hem. De dingen die ik altijd maar vanzelfsprekend vond, bleken dat ineens niet meer te zijn. En juist dat zorgde ervoor dat ik Hem meer nodig had. Dat ik mijn toekomst aan Hem toevertrouwde, omdat ik het zelf niet meer wist. Uiteindelijk gaat het er niet om wat wij ‘van ons leven gemaakt hebben’. Het gaat niet om geld, goed, carrière, werk en uiteindelijk zelfs niet eens om geluk of gezondheid. Het gaat erom dat we in dit leven Hem mogen kennen, Degene die ons leven leidt. Dat Hij in ons hart komt wonen en dan – in welke omstandigheden we ook verkeren – is het goed. Onze levensweg kent bergen en dalen en toch is Gods weg volmaakt.

1 Reactie

  1. Wat een prachtig, eerlijk artikel. Het vergelijken van jezelf met anderen is volgens mij nooit goed. Want ja, wat is ‘normaal’? Wie weet kijken die anderen ook weer naar anderen, enz. Mooi om dan te kunnen blijven zien op Gods weg.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *